ACTIVITEITEN

Revoke organiseert een aantal keren per jaar bijeenkomsten. Als het mogelijk is wordt van de lezing een opname gemaakt. Daarnaast vindt onder het tabblad 'Lezingen' korte verslagen van deze middag. De opnames zijn kostenloos via het bestelformulier onderaan deze pagina op te vragen.

 

GEZEGEND GEZIN

Zonder kinderen rond uw tafel

Hierbij een samenvatting van de lezing die ds. H.J. Agteresch heeft gehouden, op de najaarsbijeenkomst op 14 november 2020.

Het thema heeft te maken met het huwelijksformulier en Psalm 128. In het huwelijksformulier lezen we over de tweede oorzaak: opdat zij hun kinderen die zij krijgen zullen, in de waarachtige kennis en vrees Gods, Hem tot eer en tot hun zaligheid opvoeden. In het gebed bij de bevestiging van een huwelijk wordt gevraagd om de kinderen, die het U belieft hun te geven. Het menselijk geslacht is begonnen met een bruiloft. Adam is geschapen uit de aarde en Eva uit een rib van Adam. God is de Schepper en Insteller van het huwelijk.

1. Welgelukzalig is een iegelijk, die den HEERE vreest, die in Zijn wegen wandelt.
Welgelukzalig is een zaligspreking. Zalig is vol, vol van geluk. Rampzalig is het tegenovergestelde en betekent: vol van rampen. Jezus is de Zaligmaker van zonden en brengt het oorspronkelijke geluk terug.
Een iegelijk overstijgt alles in de psalm. Het is gunnend, voor iedereen. In de vreze des Heeren is er een onderscheid tussen kinderlijke vrees en slaafse vrees. Kinderlijke vrees is ontzag, eerbied voor een meerdere gepaard met liefde. Drie kenmerken van kinderlijke vrees zijn beven, buigen en beminnen. Slaafse vrees is angst, bang en de liefde wordt gemist. Die in Zijn wegen wandelt, dat doet ons denken aan de smalle weg. In het huwelijk tussen man en vrouw is een verdieping in de liefde, als ze beide God kennen.

2. Want gij zult eten den arbeid uwer handen; welgelukzalig zult gij zijn, en het zal u welgaan.
Arbeid is hier moeitevolle arbeid. Het doet ons denken aan een boerengezin. Het gaat niet vanzelfsprekend. Want heeft de betekenis van wis en zeker. De Heere zal zorgen voor eten als vrucht op de arbeid. Het is een vervulling van vers één. Augustinus legt deze tekst uit met een duidelijke lijn naar Christus. Want Gij zult eten den arbeid Uwer handen. Christus verlustigt in Zijn verdienste. Gods kinderen mogen eten van Zijn arbeid. We zien een hardwerkend gezin in het oosten van Israël, daarbij vind je een eenvoudige vroomheid. We hoorden van een huwelijk. Het mooiste huwelijk is van de Hemelse Bruidegom en de aardse Bruid.

3. Uw huisvrouw zal wezen als een vruchtbare wijnstok aan de zijden van uw huis; uw kinderen als olijfplanten rondom uw tafel.
De wijnstok staat aan de zijden van het huis. Letterlijke vertaling is aan de binnenkant van het huis. Daarom kan het een huis zijn met een open binnenruimte. Deze wijnstok staat niet ver van het huis geplant. Matthew Henry schrijft hierover: haar plaats is aan de zijden van het huis, niet onder de voet om vertreden te worden, noch boven op het huis om te heersen. Kenmerken van een wijnstok zijn dat deze kostbaar is en zwak. Een wijnstok is meestal geplant bij een muur en moet gestut en geleid worden. Zo moet een huisvrouw gesteund worden door haar man.
Het huwelijk heeft drie oorzaken, drie doelen. Eerste doel is dienende liefde tot en voor elkaar. Tweede doel ziet op het krijgen van kinderen. Beeld in de tekst hiervan zijn druiventrossen, dat ziet op het moederschap. Het belangrijkste doel van het krijgen van kinderen is dat u een kind krijgt tot eer van God, tot uitbreiding van Gods Koninkrijk en dat de Kerk gebouwd wordt in de lijn van de geslachten. Niet tot bevrediging van de eigen behoefte.

Druiventros ziet ook op een zorgzame en liefdevolle vrouw. Uw kinderen als olijfplanten rondom uw tafel. Knoestige olijfbomen die zijn rijk in de vrucht, daar is rijk gewerkt in het voorgeslacht. Kenmerk van zo’n olijfboom is dat er jonge loten uitspruiten, want er zijn wortels onder de grond. Zelfs als de olijfboom omgehakt is dan komen er nog jonge loten uit. Kinderen zijn het erfdeel des Heeren. Die kinderen zitten dan als olijfplanten rondom de tafel. Aan tafel eten we, drinken we, hebben we gesprekken en de Bijbel gaat open en er wordt gebeden. Dit ziet op het hele godsdienstige leven en heeft alles te maken met de kerkgang en huisgodsdienst.
Maar zonder kinderen rond uw tafel. Hoe komt dat? Dat is een gevolg van de zondeval. Wel kinderen? Dat is onverdiende genade. Als je nou kinderloos bent, dan mag u uitzien naar de kinderzegen. Psalm 113 vers 9 zingt ervan. Het uitzien mag er zijn. Blijft u kinderloos. Spurgeon schrijft in zijn verklaring bij psalm 113: als zij geen kinderen voortbrengen, dan zijn zij nog niet geheel onvruchtbaar. Zij bieden de wijn van de vertroosting en de druiventrossen van het genoeglijke huiselijke leven. Die man wiens huisvrouw vruchtbaar is in goede werken is waarlijk gezegend.
Matthew Henry schrijft over de vruchten van wijsheid, rechtvaardigheid en goed bestuur. Ook ongehuwden missen de kinderzegen. In de Bijbel lezen we van Paulus dat hij geestelijke zonen had gekregen. In 1 Korinthe 4: In Christus Jezus heb ik u door het Evangelie geteeld. En in Filemon lezen we over Onesimus: mijn zoon die ik in mijn banden heb geteeld. Dat je dan in geestelijk opzicht vruchtbaar mag zijn. Daar gaat iets aan vooraf: hebt u al geleerd een rank te zijn zonder vrucht? Dan gaat u uw onvruchtbaar bestaan inleven voor God. Dan staat er in uw woning geen wieg, maar dan klinkt er wel kindergeschrei in uw hart. Over Zacharias en Elizabeth mocht de engel tegen Maria zeggen: geen ding zal bij God onmogelijk zijn.

4. Ziet, alzo zal zekerlijk die man gezegend worden, die den HEERE vreest.
Geluk en zegen zijn hetzelfde.

5. De HEERE zal u zegenen uit Sion, en gij zult het goede van Jeruzalem aanschouwen al de dagen uws levens;
Sion, waar de tempel op is gebouwd. Daar woont God. Alle zegen vloeit uit Sion. Vers 5 is een uitwerking van de priesterlijke zegen De Heere zegene u. Dat er nieuwelingen in Sion geboren mogen worden.

6. Gij zult uw kindskinderen zien. Vrede over Israël!
Het is mooi als we als klein gezin mogen behoren tot een groot gezin, de kerkelijke gemeente. Maar dat we vooral mogen behoren tot de Kerk des Heeren. Dat gezin heeft God als Vader, de Zoon als oudste Broeder en heeft de Heilige Geest, de Kerk als Moeder. Daaronder zijn opa’s, oma’s, vaders, moeders, kinderen, kinderloze echtparen, ongehuwden en mensen met een andere gerichtheid. Vrede over Israël. Het welbehagen des Heeren zal door de hand van Christus gelukkiglijk voortgaan.

Sjalom!

 

Het is mogelijk om een opname van deze lezing te bestellen via onderstaand bestel formulier.

 

 

 

 

infoke nieuwsbriefVia het onderstaande formulier kunt u de lezing opvragen.

(Niet van alle lezingen is een opname beschikbaar)